Hier in het donker

Hier in het donker - Tussen schemer en duisternis
Het is donker, midden in de nacht, wanneer normale mensen - werkende mensen, gezinnen - al lang rustig slapen, lang nadat je ogen zich niet meer goed kunnen focussen en droog worden. Juist op dát moment begint mijn afdaling. Dit is het moment waarop ik mijn gedachten niet meer in de hand heb, waarop ik mezelf verlies, waarop mijn hart breekt en mijn geest zoekt naar antwoorden op de grote vragen als "Waarom ben ik hier?". Er moet iets groter zijn dan dit, iets wat dit alles regisseert, iets groter dan de som van mijn eigen tekortkomingen.

Hier in het donker - Die slopende nachtelijke uren
Hier in het donker, in die slopende nachtelijke uren, lang nadat normale mensen hun gebeden allang hebben uitgesproken,beginnen die van mij. Op dat moment staan mijn hart en handen open, maar mijn geest is nog vervuld van angst, trots en gevoelens van verlies. God is er, Hij leidt ons. Net als een stuwdam houdt hij ons tegen, totdat Hij bepaalt dat we weer vooruit kunnen gaan. En dat alleen op de door Hem vooraf bepaalde snelheid. Het is een zegen om beperkt te zijn. Een les om aan schande te worden blootgesteld. Een doel om te strijden.

Was Job gezegend? Uiteindelijk zeker wel. Was zijn lijden een zegen? Als dat zo is, wat was dan de beloning na afloop van zijn lijden? Daar vond hij de zegen, de beloning voor zijn lijden en zijn trouw aan zijn Redder. Daar in het donker, in die slopende nachtelijke uren, riep Job God aan en meende hij niet gehoord te worden. Toen hij uiteindelijk toch Gods stem hoorde, was dat een beloning, een zegen, de nabijheid van God - al was het eerst een tuchtiging!

Ik hoor Gods stem niet. Niemand hoort Gods stem meer sinds Zijn geschenk, Zijn geest in ons is komen wonen. Maar ik heb Zijn Boek, Zijn Woord. Ik heb Zijn Geest, die tot mij spreekt. Maar Hij gebruikt mijn stem en mijn gedachten en daardoor kan ik verward worden. Maar hier in het donker, in de slopende uren van de nacht, lang nadat het lichaam het bewustzijn heeft verloren, zelfs nadat de kat eindelijk is gaan slapen, hier, nu, staat mijn geest eindelijk meer open.

Hier in het donker - Een tijd om te vragen
Hier in het donker, in de kleine uurtjes, smeek ik om duidelijkheid, maar ik ontvang doelgerichtheid. Ik vraag om begrip, maar ik krijg vastberadenheid. Ik hoop op voltooiing, maar Hij geeft me geduld.

Pijn is een golf, een strijd tegen het getij. Ik stel me dat getij voor en ik staar in het water. Ruimte en tijd lijken te veranderen in de reflectie van mijzelf. Het gezicht dat ik zie - mijn gezicht - is hier en daar vervormd, nooit helemaal zoals het moet zijn. Het is mijn spiegelbeeld, maar het is anders. Ik ben anders. Ik zie niet mijzelf, maar toch moet ik het wel zijn. Ik beweer dat ik mijzelf er niet in herken. Ik hou vast aan een denkbeeldige werkelijkheid die volledig door mijzelf wordt gevormd. Door mijn wezen, mijn perceptie. De ontkenning van jezelf is een zoektocht naar God. Ja, natuurlijk. Maar hoe kan ik die perceptie van mijzelf loslaten als dit de enige werkelijkheid lijkt te zijn?

Hier in het donker, in die nachtelijke uren, wanneer nachtwakers moeite hebben om wakker te blijven, wanneer de arbeiders in de nachtdienst de tl-verlichting in de lange lege gang bestuderen, wanneer kinderen struikelend de wc proberen te vinden, juist dan worden die barrières voor een ogenblik geslecht en kunnen we de hele wereld anders bekijken. Hier in het donker, iets verder dan de dingen die onze ogen zien, die ons lichaam voelt, en die onze geest in de hand denkt te hebben.

Hier in het donker - Een tijd voor God
Hier in het donker, in de kleine uurtjes, wanneer de geest door gesloten deuren dwaalt, wanneer het hart de littekens laat bloeden, wanneer het lichaam begint te genezen. Hier in het donker ben ik werkelijk mezelf en niet slechts een waarneming of een vermomming. En dit is de plek waar God is, waar Hij op mij heeft gewacht, waar ik eindelijk het gevoel heb dat Hij dicht bij mij is, mij aanraakt, maar tegelijkertijd ook zó ver weg dat ik Zijn gezicht niet kan zien.

Hier in het donker, wanneer ik te moe ben om God te vinden, vindt Hij mij.

    “Alles hangt dus af van God en zijn barmhartigheid, niet van de wil of de inspanning van de mens.” (Romeinen 9:16)

Leer meer!

Met dank aan Matthew Swihart.


WAT DENK JIJ? - Wij hebben allemaal gezondigd en verdienen allemaal Gods oordeel. God, de Vader, stuurde Zijn eniggeboren Zoon om dat oordeel op Zich te nemen voor iedereen die in Hem gelooft. Jezus, de Schepper en eeuwige Zoon van God, die Zelf een zondeloos leven leidde, hield zo veel van ons dat Hij voor onze zonden stierf om zo de straf op Zich te nemen die wij verdienen. Volgens de Bijbel werd Hij begraven en stond Hij op uit de dood. Als jij dit werkelijk gelooft, er in je hart op vertrouwt en alleen Jezus als je Redder aanvaardt door te zeggen: "Jezus is Heer", dan zul je van het oordeel gered worden en de eeuwigheid met God in de hemel doorbrengen.

Wat is jouw antwoord?

Ja, vandaag heb ik besloten om Jezus te volgen

Ja, ik ben al een volgeling van Jezus

Ik heb nog steeds vragen